Verslag voor 1 augustus Vier doelen, alle vier oplopend Bewijs over wat u niet meer heeft

UPV textiel rapportagetool

Uw volumes opgeven is het makkelijke deel van de UPV textiel. Het lastige deel is dat het besluit vier doelen stelt over wat er gebeurt met textiel dat u allang niet meer in handen heeft: voorbereid voor hergebruik of recycling, voorbereid voor hergebruik, voorbereid voor hergebruik in Nederland, en vezel-tot-vezel gerecycled. Daarover moet u een percentage kunnen aantonen.

Vier doelen die allemaal oplopen

Het Besluit uitgebreide producentenverantwoordelijkheid textiel geldt sinds 1 juli 2023 en heeft betrekking op nieuw gefabriceerde textielproducten van de categorieën kleding en huishoudtextiel. Tapijt, matrasvulling en technisch textiel vallen er nu dus buiten, en dat scheelt bij sommige bedrijven de helft van het assortiment. Reken er wel op dat die grens verschuift: de herziene Europese kaderrichtlijn breidt de reikwijdte uit met onder meer schoeisel, woontextiel, gordijnen en kleding van leer, en Nederland moet dat uiterlijk 17 juni 2027 hebben omgezet. Het besluit met de huidige reikwijdte staat op wetten.overheid.nl. Wie zulke producten als eerste in Nederland op de markt brengt, meldt zich en dient jaarlijks vóór 1 augustus een verslag in over het voorgaande kalenderjaar. Rijkswaterstaat voert dat uit, de Inspectie Leefomgeving en Transport houdt toezicht.

De doelen staan in vier artikelen en ze lopen alle vier op. Artikel 3 vraagt dat 50 procent van het gewicht dat u het jaar ervoor verkocht wordt voorbereid voor hergebruik of recycling, in 2025, oplopend met vijf procentpunt per jaar naar 75 procent vanaf 2030. Artikel 4 lid 1 vraagt 20 procent voorbereid voor hergebruik in 2025, oplopend met één procentpunt per jaar naar 25 procent vanaf 2030. Artikel 4 lid 2 vraagt daarbinnen 10 procent voorbereid voor hergebruik in Nederland in 2025, eveneens met één procentpunt per jaar naar 15 procent vanaf 2030. En artikel 5 vraagt dat van het textiel dat wordt gerecycled 25 procent in 2025 vezel-tot-vezel gaat, oplopend naar 33 procent vanaf 2030. Vier doelen, vier eigen reeksen, en elk jaar andere getallen.

Daar zit het probleem, en het is niet uw administratie. Wat u verkocht heeft, weet u. Wat er twee jaar later met een trui gebeurt die iemand in een kledingbak gooit, weet u niet, en toch rekent het besluit u daarop af. Uw bewijs moet dus uit de keten komen: van de inzamelaar, de sorteerder en de recycler. En omdat de percentages op elkaar stapelen, is één cijfer per verwerker niet genoeg. U heeft de uitsplitsing nodig die zij zelden uit zichzelf leveren.

Textiel staat ook vooraan bij de ecodesignverordening, waar het als eerste productgroep een digitaal productpaspoort krijgt. Dat vraagt gegevens per artikel in plaats van per categorie; zie software voor het productpaspoort.

Levert u ook aan andere EU-landen, dan geldt daar een eigen registratie met een eigen ritme. Hoe u die per land en per stroom bijhoudt, staat bij EPR-software.

Hoe wij uw rapportagetool bouwen

De volgorde is omgekeerd aan wat de meeste bedrijven verwachten. Niet beginnen bij het verslag, maar bij de vraag wie er aan het einde van de keten iets kan aantonen.

1
De ketenkant vastleggen

Met welke inzamelaars, sorteerders en recyclers werkt u of uw producentenorganisatie, en in welke vorm leveren zij hun cijfers. Wat zij niet uitsplitsen, kunt u niet rapporteren; dat is de eerste harde grens en die kent u liever nu dan in juli.

2
Scope en artikelgegevens bepalen

Welke artikelen zijn kleding of huishoudtextiel en welke niet, en welk gewicht hoort erbij. Dat aanvullen is werk dat vooraf gaat aan de software en dat u zelf of met uw leverancier doet.

3
Bouwen in sprints

Elke sprint eindigt met een stuk dat u zelf kunt narekenen, en we beginnen bij het doel dat u het meest gaat kosten. Uw eigen mensen toetsen aan een afgesloten periode waarvan ze de uitkomst kennen.

4
Proefrapportage en overdracht

We laten de tool een afgesloten jaar berekenen en leggen de uitkomst naast wat u zelf had bepaald. Verschillen wijzen bijna altijd op een verwerker die anders telt dan u aanneemt.

Wat de tool concreet doet

Het zwaartepunt ligt aan de ketenkant, niet bij de opgave. Zes onderdelen, waarvan de eerste drie over uw eigen cijfers gaan en de laatste drie over wat anderen u moeten aanleveren.

Volumes uit uw eigen systemen

Verkopen en retouren uit uw ERP of voorraadsysteem vormen de noemer waar elk van de vier percentages op rust. Zit die telling in een aparte spreadsheet, dan loopt uw verslag gegarandeerd uit de pas met uw jaarrekening.

Kleding en huishoudtextiel afgebakend

Per artikel vastgelegd of het onder het besluit valt, met de reden erbij. Voert u ook tapijt, gordijnstof of technisch textiel, dan hoort dat nu buiten de noemer te blijven. Omdat de reikwijdte in 2028 verschuift, leggen we die beoordeling per artikel vast met een datum in plaats van hem in een vaste lijst te zetten.

Gewichten ophalen bij leveranciers

Een portaal waarin uw producent het gewicht per artikel aanlevert, met een lijst van wat er nog ontbreekt. Staan uw artikelgegevens in een PIM, dan hoort het gewicht daar thuis en niet in een tweede administratie.

Verwerkingsgegevens uitgesplitst

Per verwerker en per stroom: wat is voorbereid voor hergebruik, wat voor recycling, wat is in Nederland gebleven en welk deel van de recycling ging vezel-tot-vezel. Precies die uitsplitsing vragen de vier artikelen, en precies die krijgt u zelden ongevraagd.

Vier doelen apart doorgerekend

De tool rekent elk doel tegen het percentage dat voor dát verslagjaar geldt, en laat zien welk doel u gaat missen terwijl er nog wat aan te doen is. Ze schuiven elk jaar op, dus een vast ingebouwd getal is na één jaar fout.

Verslag met herleidbare onderbouwing

Elk percentage is terug te volgen naar de aanlevering waar het uit komt, met de gebruikte rekenmethode bewaard. Bij navraag laat u niet alleen het getal zien maar ook wie het heeft aangeleverd.

Voor wie wij bouwen

De regeling raakt vier soorten bedrijven, en het verschil zit vooral in hoe ver u van de afvalfase af staat.

Merken en producenten

U ontwerpt en laat produceren, dus gewichten zijn bij uw producent op te vragen. Uw echte uitdaging zit aan de andere kant: u kent uw eindklant wel, maar niet wat hij met het product doet. Zie ook software voor de textielsector, die over uw collectie, PLM en orderstroom gaat en niet over de afvalfase.

Importeurs en distributeurs

U koopt bij een buitenlandse producent en bent daarmee de eerste die het product hier op de markt brengt. Uw lastigste positie: u zit het verst van de afvalfase af en heeft de minste grip op wie daar iets over kan verklaren.

Retail met een eigen collectie

Alleen uw huismerk telt mee; wat u van andere merken doorverkoopt niet. Heeft u een inzamelbak in de winkel, dan zit u bovendien zelf aan de ketenkant en kunt u het bewijs leveren in plaats van erom te vragen. Dat is de gunstigste positie die deze regeling kent.

Bedrijfskleding en textielservice

Werkkleding valt onder kleding; linnengoed onder huishoudtextiel. Uw voordeel is dat u aan het einde van de levensduur zelf terugneemt en dus precies weet waar het heen ging. Dat is de positie waar de rest van de markt naartoe probeert te werken.

Nog niet zeker over een groot traject?

Test je idee eerst — werkend prototype in 1 dag

Met OneDayBuild maken we je idee in één dag tastbaar voor €1.150, zodat je weet of verdere ontwikkeling de investering waard is. Besluit je door te gaan met de volledige bouw? Dan verrekenen we de kosten volledig.

Bekijk OneDayBuild →

Technologie en koppelingen

Twee dingen bepalen de bouw. De eerste is dat verwerkers hun cijfers in tien verschillende vormen aanleveren. De tweede is dat de percentages elk jaar verschuiven, dus ze horen in een instelling thuis en niet in de code.

Node.js / Python / .NET PostgreSQL Koppeling met order- en voorraadsysteem Artikelstamgegevens met gewicht en categorie Leveranciersportaal Aanleverportaal voor verwerkers Doelen per verslagjaar instelbaar Vier doelen apart doorgerekend Herleidbaarheid van percentage naar aanlevering Versiebeheer op methode en aannames Export in de gevraagde indeling Signalering op ontbrekende gegevens Auditlogging Hosting in de EU

Waarom Appfront

Het bewijs komt van buiten uw bedrijf

Dit is geen boekhoudprobleem. De doelen gaan over goederen die u niet meer heeft, dus wij bouwen eerst de aanleverkant en pas daarna het verslag.

Vier doelen, geen enkel vast getal

Artikel 3, 4 lid 1, 4 lid 2 en 5 vragen elk iets anders en schuiven elk jaar op. Wie ze als één percentage behandelt of ze hardcodeert, mag het volgend jaar overdoen.

Eén noemer voor alle vier

Uw verkoopcijfers staan al ergens. Wij halen die op via koppelingen, zodat de vier percentages op dezelfde noemer rusten als uw omzet.

Eerlijk over wat wij niet kunnen

Levert uw verwerker geen uitsplitsing, dan kan geen enkele tool die verzinnen. Wij maken zichtbaar wat er ontbreekt en bij wie; het gesprek met die partij moet u zelf voeren.

Security en privacy

Deze rapportage bevat vrijwel geen persoonsgegevens, maar wel gevoelige bedrijfsinformatie: uw verkochte volumes per categorie zijn een directe afgeleide van uw omzet en marktpositie. Bij bedrijven die voor meerdere merken werken, komt daar de vertrouwelijkheid richting die merken bij. Wij zetten de toegang daarom krap en scheiden gegevens per entiteit.

De ketenkant vraagt iets extra's. U haalt cijfers op bij inzamelaars en recyclers, en die aanleveringen zeggen ook iets over hún bedrijfsvoering. Een verwerker die ziet wat zijn concurrent aanlevert, levert de volgende keer minder. Elke aanleverende partij krijgt daarom een eigen, afgeschermde ingang. En omdat de ILT het verslag kan controleren, bewaren we aangeleverde cijfers zoals ze binnenkwamen: een latere correctie is zichtbaar als correctie en overschrijft het origineel niet. De rekenmethode leggen we per verslagjaar vast, want die verandert terwijl oude verslagen op de regels van dat moment rusten. Hoe wij zelf met beveiliging omgaan staat in ons informatiebeveiligingsbeleid; meldingen van buitenaf lopen via ons CVD-beleid.

Veelgestelde vragen over de UPV textiel

Nieuw gefabriceerde textielproducten van de categorieën kleding en huishoudtextiel. Tapijt, gordijnstof, matrasvulling, schoeisel en technisch textiel vallen er in beginsel buiten. Dat is de eerste afbakening die u moet maken en hij scheelt bij sommige bedrijven de helft van het assortiment. Twijfelt u bij een productgroep, leg de beoordeling dan vast met de reden, want dat is wat de ILT navraagt.

Vier, en ze lopen alle vier op. Artikel 3: 50 procent voorbereid voor hergebruik of recycling in 2025, met 5 procentpunt per jaar erbij tot 75 procent vanaf 2030. Artikel 4 lid 1: 20 procent voorbereid voor hergebruik, oplopend naar 25. Artikel 4 lid 2: daarbinnen 10 procent voorbereid voor hergebruik in Nederland, oplopend naar 15. Artikel 5: van het gerecyclede textiel gaat 25 procent vezel-tot-vezel, oplopend naar 33 procent. Controleer altijd het percentage van uw eigen verslagjaar.

Dat kunt u niet zelf; het bewijs komt van de inzamelaar, de sorteerder en de recycler. Wat u wel kunt is die aanlevering afdwingen in de vorm die de vier doelen vragen: niet één tonnage, maar uitgesplitst naar voorbereid voor hergebruik, hergebruik in Nederland, recycling en het vezel-tot-vezeldeel daarvan. Bent u aangesloten bij een producentenorganisatie, dan loopt dat grotendeels via hen en is de vraag vooral of hun uitsplitsing fijn genoeg is.

Jaarlijks vóór 1 augustus, over het voorgaande kalenderjaar, bij Rijkswaterstaat. Praktisch betekent dat u in de eerste helft van het jaar de ketencijfers over het vorige jaar compleet moet hebben, en dat is de reden om ze doorlopend op te halen. Verwerkers leveren traag, en in juni is er geen tijd meer om een uitsplitsing alsnog af te dwingen.

Bij collecties die per seizoen wisselen is dit een doorlopende taak, geen eenmalige inhaalslag. De gewichten zitten bij uw producent; de werkbare route is een portaal waarin die ze per artikel aanlevert, gekoppeld aan uw inkooporder zodat een nieuw artikel zonder gewicht opvalt voordat het verkocht wordt. Schatten kan, mits u de methode vastlegt.

Het besluit gaat over wat er op de Nederlandse markt wordt gebracht. Wat u invoert en weer uitvoert hoort in beginsel niet in de noemer, en dat is meer dan een detail: een te hoge noemer drukt alle vier uw percentages tegelijk. Laat de precieze behandeling vaststellen door uw jurist of vraag het na bij Rijkswaterstaat; wij zorgen dat het systeem beide stromen apart bijhoudt.

Die neemt een deel van de verplichtingen over, meestal de inzameling en de verantwoording daarover. Wat van u blijft, zijn uw eigen volumes per categorie en de vraag of de uitsplitsing die u terugkrijgt fijn genoeg is voor alle vier de doelen. Een organisatie die alleen een totaal recyclingpercentage teruggeeft, laat u met artikel 4 lid 2 en artikel 5 zitten.

Dan valt u daarnaast onder de WEEE-regels, met een ander register en een andere termijn. De administratie lijkt erop maar het knelpunt is een ander: daar is de moeilijke vraag wélke van uw artikelen meetellen, hier weet u dat meestal wel en zit de moeilijkheid in het bewijs uit de keten. Zie WEEE-opgave en inzameladministratie.

Een UPV-rapportagetool laten bouwen?

De snelste manier om te zien waar u staat: stuur ons de uitsplitsing die u vorig jaar van uw verwerker of producentenorganisatie kreeg. Daaruit is af te lezen welke van de vier doelen u überhaupt kunt aantonen. Wij bouwen dit als losse toepassing en als onderdeel van een breder traject maatwerk software. Voor de eisen aan de verpakking zelf geldt de PPWR; zie PPWR-software.

Edit Content